Joke Wiechers begint aan de modeacademie Charles Montaigne in Amsterdam en studeert daarna theatervormgeving, grafische vormgeving en illustratie in Utrecht. Ze maakt kostuums, decors en rekwisieten voor het theater, ontwerpt een robot en experimenteert met rubberhand- schoenen. Ze leert schoenen maken en werkt als artist in residence in Zuid-India. Ze onderzoekt haarsoorten, kapsels en knooptechnieken en werkt samen met pruikenmakers, fotografen en technici. Voor haar project Harige Schoenen krijgt ze subsidie van de gemeente Utrecht en wordt ze genomineerd voor de Materiaalfondsprijs.
In Jokes archief staan kapsels keurig in vakjes: afro1, afro2, afro3. Een i-D-cover met soul naast een knipsel uit Avenue: Renée Soutendijk met wit kroeshaar. Ook bewaard: aluminiumsticks, pijpen- ragers en satéstokjes om krullen te maken. Tussen de haarstudies duikt een schoenschets op. Het kapsel krijgt een andere bestemming. FRIZZY.
Het kapsel van Jackie Kennedy krijgt een plek in Jokes archief. Verschillende studies staan keurig gerangschikt onder namen als jackie2 en jackiekrul. Een uitgeknipte haarvorm ligt over een foto. Op een schets zit een krul bij de hak. Joke geeft het kapsel een andere plek: niet op een hoofd, maar op een schoentje. JACKIE.